
Wanneer u een vaststellingsovereenkomst sluit, rijst vaak direct de vraag: “Hoelang kan ik WW ontvangen na een vaststellingsovereenkomst?” Het antwoord is niet voor iedereen hetzelfde. De duur van uw WW-uitkering hangt af van uw arbeidsverleden, de afspraken in de overeenkomst en de regels van het UWV. Op deze pagina leggen wij uit wat u moet weten over de WW na vaststellingsovereenkomst, hoe de aanvraag WW na vaststellingsovereenkomst verloopt en waar u op moet letten.
Wilt u zeker weten dat uw vaststellingsovereenkomst geen negatieve gevolgen heeft voor uw WW-uitkering? Laat uw overeenkomst gratis door ons controleren.
De Werkloosheidswet (WW) biedt een tijdelijke uitkering aan werknemers die buiten hun schuld om werkloos raken. Om recht te hebben op WW moet u voldoen aan voorwaarden:
U bent niet door uw eigen schuld werkloos geworden.
U bent beschikbaar voor werk en actief op zoek naar een nieuwe baan.
U heeft voldoende arbeidsverleden opgebouwd (wekeneis en jareneis).
Een vaststellingsovereenkomst kan dus invloed hebben op uw recht, mits deze correct is opgesteld.
De duur van de WW hangt af van hoeveel jaren u gewerkt heeft. Het UWV berekent dit op basis van uw arbeidsverleden.
Minimaal 3 maanden WW: dit is het standaard minimum voor iedereen die aan de voorwaarden voldoet.
Langere WW-duur: voor ieder jaar arbeidsverleden kan de WW met 1 maand worden verlengd, tot een maximum van 24 maanden.
Een vaststellingsovereenkomst verandert de maximale duur in principe niet. Wel is het belangrijk dat de overeenkomst correct is opgesteld, zodat het UWV uw recht op WW niet afwijst.
Wanneer u een VSO tekent, kunt u pas een WW-uitkering aanvragen nadat uw dienstverband officieel eindigt. Belangrijk om te weten:
U moet de WW binnen 1 week na uw laatste werkdag aanvragen bij het UWV.
Bij de aanvraag moet u de vaststellingsovereenkomst uploaden.
Het UWV controleert of u niet verwijtbaar werkloos bent.
Is de overeenkomst niet goed geformuleerd, dan kan het UWV beslissen dat u geen recht heeft op een uitkering.
De hoogte van de WW-uitkering wordt bepaald door uw dagloon. In het algemeen geldt de eerste 2 maanden: 75% van uw laatstverdiende loon (tot het maximum dagloon). Daarna: 70% van uw loon.
Let op: afspraken in de VSO, zoals een te vroege einddatum of een verkeerde ontslagreden, kunnen leiden tot een tijdelijke uitsluiting of verlaging van uw uitkering.
Bij een vaststellingsovereenkomst in combinatie met WW zijn er verschillende zaken waar u extra alert op moet zijn:
Ontslagreden: moet neutraal en niet verwijtbaar zijn.
Einddatum dienstverband: sluit aan op de opzegtermijn van de werkgever.
Geen concurrentiebeding of boetebeding dat u belemmert in het vinden van nieuw werk.
Ziekte: bent u ziek op het moment van ondertekenen, dan heeft u geen recht op WW.
Stel: Anna heeft 12 jaar gewerkt bij haar werkgever en tekent een vaststellingsovereenkomst. Haar dienstverband eindigt correct na de wettelijke opzegtermijn. Na afloop kan zij WW aanvragen. Het UWV kent haar een WW-uitkering toe van 12 maanden, waarvan de eerste 2 maanden 75% en daarna 70% van haar laatstverdiende loon.